Rijstterassen en visaperikelen
Hallo allemaal,
Het is alweer een tijdje geleden dat we hebben geschreven op de weblog. We hebben maar af en toe (redelijk traag) internet in de hotelkamers en de internetcafés zijn donkere rookholen. Ze zijn niet de leukste plekken om te zitten, dus we vermijden ze graag.
We hebben ons de laatste weken weer goed vermaakt! Na Yangshou zijn we naar Ping’an gegaan dat ligt in het gebied dat de ‘Dragonbone Rice Terraces’ wordt genoemd. Een gebied dat bekend staat om de rijstterrassen en de etnische minderheden. We hebben twee dagen gewandeld. Een dag zijn we op goed geluk gaan wandelen. Aan het einde van de middag wilden we graag weten hoe we het snelst weer in Pign’an konden komen. Bij een klein dorpje (een stuk of zeven huizen) vonden we, na wat nihao geroepen te hebben, een man. Hij was enigszins verbaasd ons te zien. Hij gebaarde dat we terug moesten lopen als we naar Ping’an wilden. We wilden ook graag wat water kopen. Omdat hij ons niet begreep riep hij de buurvrouw erbij. Zij begreep dat we water wilden. Ze gebaarden ons binnen te komen. Een gigantisch groot houten huis/boerderij. Na een voorportaal kwamen we in een grote, redelijk donkere ruimte. In het midden van de ruimte stond een kooppot op het vuur met kleine krukjes eromheen. Er stond bijna geen meubilair op een altaarkast na. Op de kast stond een dienblad met een mooie aardewerken karaf met drie tuiten en glazen. We kregen allebei een glas dat werd volgeschonken met de inhoud van de karaf. We hadden hete thee verwacht, maar we kregen een heerlijk koud, licht naar bloemen smakend water. Het lekkerste water ooit! We hebben haar uitgebreid bedankt en ze lachte vriendelijk.
Na een stevige wandeling terug hadden we behoefte aan een douche. We waren ook op weg naar het hotel, toen er een stoet mannen met rollen vuurwerk voorbij kwam. Die moesten we natuurlijk even volgen. We kwamen uit bij het huis waar we de dag ervoor hadden gezien dat er een varken werd geslacht. (het slachten gaat hier op zijn Chinees, gewoon flink hakken; botsplinters maken niets uit.). Het was erg druk bij het huis en er bleven maar mensen toestromen. Er werd zo veel vuurwerk afgestoken dat het er blauw zag. Het was duidelijk dat er iets te vieren was. Een aantal mensen die naar binnen gingen gebaarden ons om ook naar binnen te gaan. Toen we binnen kwamen zagen we dat de gasten werden geregistreerd en het was duidelijk dat er werd betaald. We stonden het een beetje te aanschouwen, toen er een jongen op ons afkwam. Hij, Jason, gaf aan dat het een feest was ter ere van de 30e geboortedag van een baby. Het hele dorp was uitgenodigd om te komen eten bij de familie. Als geschenk werd er vuurwerk en geld meegenomen. Jason gaf aan dat 100 RMB per persoon wellicht een idee was. We hebben toen aangegeven dat we op een budget leefden (geen woord van gelogen want er waren geen pinautomaten in het dorp en we hadden niet heel veel cash meer!), en dat we maximum 100 RMB samen konden betalen. Dit was eigenlijk al een overschrijding van ons dagbudget. Maar het leek een unieke ervaring die we graag wilden meemaken. Jason zou het binnen overleggen.
Toen hij terug kwam gaf hij aan dat het goed was. Nadat de 100 RMB was overhandigd, mochten we onze namen in het boek schrijven. Door de boekhouder werd het bedrag er vervolgens bij genoteerd. Overigens betekent het geregistreerd staan, dat we bij een feest ook iedereen moeten uitnodigen. Hoewel ze van harte welkom zijn, denken we niet dat er veel mensen zullen komen naar Nederland. Bovendien zouden we nooit zoveel mensen kunnen plaatsen. Wij waren nummer 117 en na ons kwamen nog meer mensen binnen.
We vroegen of we de baby mochten zien. Ook dat mocht, hoewel het niet gebruikelijk was. De baby lag dik ingepakt op bed. Moeder en oma stonden er trots bij te kijken. De baby lag overigens rustig te slapen ondanks dat er buiten een hels kabaal was van al het vuurwerk. Nadat we de baby hadden gezien gingen we naar de zolder. Niet alleen op de begane grond en de eerste verdieping, maar ook op de zolder stonden een stuk of acht woks boven kooltjes. Eromheen stonden banken met veel drank en veel eten. Hier en daar stonden emmers met rijst. Jason sprak goed Engels en lichtte alles toe. Zo moesten we wachten totdat er acht personen om de wok zaten voordat er gestart kon worden met eten. Toen er eenmaal genoeg mensen waren, werd er volop gegeten. Malse eend, heerlijk droog varkensvlees, mals varkensvlees, smaakvolle kip, vis, gevulde tofou… het was een heerlijke maaltijd. Misschien wel het lekkerste vlees dat we ooit hebben gehad in China. Afgezien van de specialiteit van de avond, taaie ingewanden.
Er werd ook flink gedronken. Er was bier, fris en rijstewijn. Daarnaast was er een thuis gebrouwen rijstwijn in spriteflessen en warme kraammoeder-rijstwijn in metalen bakken. Naast de drank en het eten was er voor ieder een rood gekleurd ei en een appel. Er lag ook een tas met servetjes, zonnebloempitten en sigaretten. Niemand kwam iets tekort. Inmiddels was het flink aan het regenen en was de stroom uitgevallen. Binnen een mum van tijd stonden de kaarsjes op tafel. De drank vloeide rijkelijk. Iedereen had het erg naar zijn zin. Wij ook, zo’n buitengewone ervaring!
Na vier uur zijn we gegaan. Langs de modderige en donkere rijstvelden teruggelopen naar het dorp. Wat waren wij blij dat we zaklampen bij ons hadden! We waren opgelucht toen we bij het hotel waren. Het dorp is een doolhof en de duisternis is niet heel erg bevorderlijk om de weg te vinden.
De dag erna naar een ander dorp gelopen. Na iets meer dan twee uur lopen kwamen we uit bij een klein dorp met grote houten huizen. Het was prachtig gelegen tussen de rijstvelden. De rijstvelden zijn hier redelijk smal, waardoor er een druk lijnenspel is. De enige mensen op de rijstvelden waren de boeren die het veld waren bewerken. Wat een mooie plek.
Na drie dagen in Ping’an waren we zo goed als blut. Tijd om te vertrekken. We wilde in de volgende grote stad (een uur of drie verderop) ons visum verlengen. Dit liep op niets uit. Na een kwartier wachten op een klein politiekantoor bleek dat er geen stempel was. We moest maar naar Luizhou of Guilin. Daar baalden we flink van want we wilden niet in dezelfde richting terug en bovendien was het nog een aardig eind reizen. Omdat we nog een paar dagen hadden voordat het visum afliep, besloten we om 3 mei door te reizen naar de volgende provincie. We hadden begrepen dat het in Congyiang ook mogelijk was om het visum te verlengen. Om tien voor acht op het station om een kaartje te kopen voor de bus van acht uur. De bus vertrok op tijd om vervolgens 20 minuten over de eerste kilometer te doen omdat er overal mensen instapten. Twintig minuten later stonden we dus gewoon weer voor het hotel! Dit was geen goed voorteken. De rit duurde uiteindelijk vier en een half uur in plaats van de geplande drie uur. We hadden een bus die overal stopte om mensen op te pikken en uit te laten stappen. Bovendien was het een slechte weg dus was het een flink gehobbel geblazen! Toch was het niet erg. De omgeving was erg mooi, kleine dorpen, waterbuffels langs de weg, werkende mensen in het veld en uitzicht op de rivier.
In Congyiang kwamen we uiteindelijk aan bij een groot politiecomplex. Bij de PSB (politie voor buitenlanders) stond boven een deur “Entry and Exit”. Dus we moesten wel goed zitten. We hebben dan ook met plezier de drie kwartier gewacht totdat ze open gingen. Iets na twee uur konden we plaatsnemen en begon de agent met de paspoorten in de hand gegevens in de computer in te voeren en kregen we een glaasje water. Het leek goed te gaan. Maar dat was niet het geval. De agent was aan het wachten op een Engels sprekende agente die aangaf dat het hier niet ging lukken. We moesten maar naar Kaili, dat was maar vier uur reizen. We waren toen allebei niet echt blij. Ze raadde ons aan om een hotel te zoeken. We hebben ons toen wanhopiger voorgedaan dan we daadwerkelijk waren. Kennelijk kwam dat goed over want de agent pakte zijn sleutels en gebaarde dat we een lift konden krijgen in zijn politieauto. Overigens leek het een gewone witte auto met politielampen, politiestickers en Mickey Mouse bekleding.
Woensdag 4 mei de bus van acht uur richting Kaili. We gingen ervan uit dat we een snelle bus zouden hebben, maar dat was niet het geval. We hebben de meest erge hobbelrit gehad tot nu toe. We konden gewoon niet op onze stoelen blijven zitten, we werden gekatapulteerd! En toen opeens, uit het niets, dook een biljartlaken van een snelweg op! De laatste zestig kilometer werden er doorheen gesjeesd. Wel iets anders dan de eerste drie uur waar we gemiddeld 30 kilometer per uur haalden!
Bij de PSB in Kaili leek het wederom dat we goed zaten. Maar toen kwam er weer een agent die vertelde dat we daar niet goed zaten. We hadden het toen helemaal geschoten. Gelukkig zaten we wel in de goede stad. We moesten morgen maar naar een ander kantoor. Dag vier van het visum verlengen was aangebroken. De agent van gisteren had het adres van de PSB opgeschreven zodat we een taxi konden nemen. Aangekomen bij het kantoor gaven we enigszins zenuwachtig de agent de paspoorten. Zonder iets te zeggen liep hij weg. Korte tijd later kwam hij terug met twee formulieren. Dat was hoopgevend. De formulieren ingevuld (Wilma twee keer want het moest echt zwarte inkt zijn en niet blauwee) en vervolgens weer wachten. Uiteindelijk zijn we maar gaan zitten omdat hij niets zei. Een half uur later kregen we onze paspoorten terug met een visum nadat we 160 RMB per persoon hadden betaald. Het was dan toch nog gelukt. Helaas maar een visum voor één maand, langer kon niet. We konden in ieder geval blijven!
De rest bewaren we voor de volgende keer! We gaan nu ontbijten. We zijn in Xingyi en we hebben een hotel waarbij het ontbijt is inbegrepen. Lekker mini bapao’s en cakejes eten. Groetjes!
Reacties
Reacties
Hoi hoi Wilma en Rogier,
wat een leuk verhaal weer en mooie foto's!!!
En nog steeds geen last van jullie maag van al het aparte eten? Vooral de taaie ingewanden, brrr maar och wereldreizigers zoals jullie zijn daar al in getraind......
Genieten maar weer en tot het volgende verhaal.
En Rogier, je moet maar is een boekje uitbrengen van alle verhalen als jullie weer in Nederland zijn, want schrijven kun je...
Doei doei Irma
Onwerkelijk bijzonder verhaal weer. Altijd leuk om jullie verhalen te lezen!
Rogier en Wilma weer een prachtig verhaal van jullie.
Wat me opvalt is, dat jullie zelfs op jullie rondreis baby's gaan kijken?!
Heel veel groetjes en liefs van Lian
Wat herelijk om jullie avonturen zo mee te lezen. Ik ben zelf net terug van mijn kline soenda eilanden reis. was erg mooi en heel relaxed. heel veel gesnorkeld en gewandeld. Ik moet zeggen lombok, sumbawa de komodo eilanden en Flores zijn zeker een aanrader en lekker niet zo toeristisch. (behalve de komodo eilanden dan). Ik zie uit naar jullie volgende story!
Hoi!
Wat geweldig. Lekker wandelen en dan mooie dingen ontdekken. En alles meemaken natuurlijk. Geweldig verhaal. Ben wel benieuwd hoe een Chinese baby eruit ziet:). Geniet! x
Ha globetrotters,
Wat een mooi verhaal weer en wat een belevenissen! Jullie halen echt het onderste uit de kan en jullie hebben ook nog veel tegoed.
Blijf lekker genieten en ontdekken en zorg nog maar voor veel boeiend leesvoer voor ons allemaal.
Dank jullie wel daarvoor, leuk om dit op deze manier te kunnen delen.
Goede reis verder en tot de volgende keer,
Groetjes Eva
Hallo Wilma en Rogier, leuk jullie verhalen te volgen, best wel spannend af en toe, maar wat jullie meemaken nemen ze je jullie nooit meer af. Geniet maar lekker van jullie vacantie en tot horens. groetjes Peter en Mariet
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}