Auto te koop in Brisbane of Sydney!
We willen onze Mazda erg graag meenemen naar Nederland, maar hij is iets te groot voor onze rugzakken. We hebben 'm dan ook maar op internet gezet:
http://brisbane.gumtree.com.au/c-Cars-Vehicles-Motorbikes-Parts-cars-Mazda-Tribute-low-mileage-full-history-camper-convertion-W0QQAdIdZ350397768
Mocht iemand iemand kennen, we houden ons aanbevolen.
Ondertussen zijn we richting (het hopelijk zonnige) Brisbane aan het rijden. We hebben helaas nog de nodige regen. We kunnen nog van geluk spreken dat we nog zelf onze route kunnen kiezen, er zijn veel wegen afgesloten en delen van steden worden geevacueerd. Zelfs in Sydney is er momenteel een overstromingswaarschuwing. Er wordt gesproken over de ergste overstromingen sinds 1976. Maar afgezien van de regen, hebben we het nog steeds naar onze zin!
Groetjes!
Tussenstand, regen en heel veel kilometers
Tussenstand:
Gereden kilometers: 13.000 (laten we maar niet nadenken over de liters benzine!)
Reparaties aan de auto: 2 (balanceren en recht slijpen remmen)
Wrakken langs de weg gespot: 10
Onszelf buitengesloten: 1
Ingebroken in de auto: 1 (dat waren we zelf, de sleutel via het dakraam uit de auto gevist)
Koudste zomer sinds 50 jaar: 1
Langste stuk weg zonder bochten: 146 kilometer
Langste stuk weg zonder asfalt: 60 kilometer
Keren vastgezeten in het zand: 1
Ruitenwissers in plaats van richtingaanwijzer aan: dagelijks
Tegen het verkeer in een rotonde nemen: 1
Raarste dieren tot nu toe gezien: palatypus. springmuis, hagedis die op de achterpoten loopt, hagedis met een blauwe tong, kerstmisspin en een miereneter-stekelvarken-in-een
Gevaarlijkste dieren tot nu toe gezien: redbackspider, slangen
Roadkill: honderden kangoeroes, slangen, wombats, vogels, hagedissen en insecten
Aantal dagen ziek/zwak/misselijk: 0
Vreemd Australië: postbodes geheel in het fluorescerend geel gehuld, reddingsbrigade met badmutsje, mannen in te kort afgeknipte spijkerbroeken, overal op blote voeten lopen
Luxe Australië voor de wereldreiziger: gratis schone openbare toiletten, gratis campings, gratis hete douches, gratis musea
Beste deal tot nu toe: 27 avocado's voor 5 dollar
Flessen wijn: ontelbaar...
Het is niet de eerste keer dat we het zeggen, maar Australië is een prachtig land. Elke dag is er wel iets anders dat ons verbaast of verrast. Terwijl ik dit (offline) aan het tikken ben, springt Rogier op en rent met zijn camera weg omdat er een zwarte kaketoe met een rode kop komt langs gevlogen. We zijn geen vogelaars, maar we zijn erg onder de indruk van de kleuren en geluiden van de vogels. Vooral de cuckabooro (of hoe je het ook schrijft) met zijn ‘laughing call' doet ons elke keer weer glimlachen. En zonder gekheid, om het helemaal Australisch te maken, komt er een kangoeroe met zijn jong voorbij gesprongen.
Gisteren zijn we in Canberra geweest en vandaag zijn we via een ‘sealed' en een ‘unsealed' weg aangekomen in de Blue Mountains. We hebben net de auto geparkeerd op een bushcamping en hebben de kookspullen tevoorschijn gehaald. Hoewel aan het kamperen zijn, wordt er nog steeds uitgebreid gekookt. Vanavond eten we Indiaas (linzen, rijst en Masala curry) en dat is nog niet eens zo makkelijk met ‘maar' twee pitten. Ik moet zo meteen ook even weer mijn ‘zonnedans' uitvoeren om er zeker van te zijn dat we het droog houden. We hebben de pech dat het de koudste zomer is in 50 jaar. En dat betekent de laatste dagen helaas in de avond ook de nodige regen. Overigens heeft die koudste zomer ook voordelen, het slapen in de auto is een stuk aangenamer.
We zijn nog maar 1000 kilometer verwijderd van Brisbane, de plek waar we onze roadtrip gaan eindigen en we onze trouwe auto moeten verkopen. We wilden graag nog langer blijven, maar het verlengen van het visum is duurder dan een ticket naar Nieuw-Zeeland. Dan is de keuze, voor ons zuinige Hollandse wereldreizigers, zo gemaakt. We moeten dan ook nog maar naar Nieuw-Zeeland! Niet dat we al iets geboekt hebben, maar dat komt nog wel. Dus de plannen kunnen altijd veranderen...
We hebben nog een kleine twee weken voor de boeg. Een paar dagen Blue Mountains, Sydney, de kust en nog zo veel dingen te zien en doen. We komen onze tijd dus nog wel door!
We beseffen dat jullie graag meer verhalen willen horen en foto's willen zien, maar geduld is een schone zaak :) Het moet toch niet zo zijn dat we niets meer hebben te vertellen als we (uiteindelijk) een keer teruggaan naar het kleine Nederland. En we hoorden hier op de radio dat Nederland het twee-na-gelukkigste land is ter wereld. Met Fiji op 1 en Nigeria op 2. Dus de vraag is hoe serieus we dat onderzoek moeten nemen. Een ding is zeker, wij horen bij de gelukkige Nederlanders!
We lezen onze e-mail en de reacties zeker, maar we hebben niet altijd de tijd om te reageren. We vinden het erg leuk om te horen hoe het met iedereen gaat en om een beetje om te hoogte te blijven. Dank!
Groeten uit een bewolkt maar droog Australië.
...nu ga ik maar eens dansen
Fijne feestdagen!
Te laat om een fijne kerst te wensen, maar gelukkig wel op tijd om iedereen een spetterende start van 2012 te wensen!
Rogier en Wilma
Off road, roadkill en rood zand
Iets meer dan vierduizend kilometer afgelegd in vijftien dagen! We hebben er goed de vaart in. We hebben niet alleen veel gereden, maar ook veel gezien. We hebben volle, actieve dagen. Dus zo'n beetje het tegenovergestelde van ons reisritme in Azië.
Het heeft er alles mee te maken dat we aan het kamperen zijn. In onze Mazda is het heerlijk rijden, maar 's ochtends worden we toch echt tussen zes en zeven ons bed uitgedreven omdat of de papegaaien ons wakker schreeuwen of omdat het met 37 graden niet meer lekker slapen is. Hadden we het de eerste dagen in Perth nog koud, in het noorden van West Australië is het alles behalve koud. We hebben de 40 graden al met gemak bereikt! Gelukkig waren we al aan de hete temperaturen gewend. Maar we zijn wel heel erg blij dat de auto een goede airco heeft.
De afgelopen twee weken zijn we van Perth via de kust naar Karijini Nationaal Park gereden. Onderweg zijn we gestopt bij alle nationale parken die we tegen kwamen. Een trip met veel bijzondere plekken. Het ene moment sta je op een bounty strand naar grote, voorbij zwemmende schildpadden te kijken, vervolgens geloof je je ogen niet omdat het meer roze is (door natuurlijk beta caroteen), dan ben je aan het wandelen tussen de rode ruige rotsen, maak je een duik in een watering hole en de dag erna ga je off road en zie je wilde dieren. En tussendoor rijd je over de tweebaans hoofdweg.door heel veel niets. Je rijdt hier makkelijk 300 kilometer zonder ook maar een huis of mens tegen te komen. Af en toe heb je een ‘roadtrain' die voorbij dendert met zijn 53 meter (zeg maar een vrachtauto met vier opleggers) en zie je een verdwaalde kangoeroe, grote adelaars die verse roadkill verorberen of moeder emu met haar kroost oversteken.
Plaatsnamen die steden lijken op de kaart, zijn in werkelijkheid niet meer dan een tankstation, een vvv, een supermarkt en een paar huizen. Internet en telefoonbereik, net zoals radiozenders, zijn er eigenlijk bijna niet. We hebben dan ook niets voor niets standaard twintig liter drinkwater, 20 liter extra benzine en een noodvoorraad eten bij ons (en uiteraard twee flessen wijn).
Het kamperen bevalt goed. Elke avond uitgebreid koken en naar de sterren turen. We hebben al vaak (gewoon legaal) gratis kunnen staan op mooie plekjes. In de nationaal parken betaal je 7 dollar per persoon. Je moet dan niet te veel luxe verwachten. Vaak is het een plek met een gasbbq en een ‘bushloo' (een biotoilet met bacteriën die zonder gekheid niet stinkt). Als je een luxe camping wil dan betaal je al snel 30 dollar voor een plek zonder stroom maar dan wel met een douche. Nadeel is dat je vaak in een dorp aan de doorgaande weg staat. Voor de douche hoeven we het niet te doen, we hebben een solardouche die overdag lekker opwarmt.
We zijn nu op weg naar Perth om daar de papieren van de auto op te halen. Na Perth gaan we naar het zuiden van West Australië en waarschijnlijk naar de oostkust, waarschijnlijk richting Brisbane.
De eerste weken Australië zijn dus geweldig goed bevallen! We blijven nog even ;)
Bali, Lombok en Australie
We hebben de laatste weken nog heerlijk genoten van Indonesië, van het goedkope maar erg lekkere eten, de vriendelijke Balinezen en de weelderige omgeving. De laatste dag nog op de valreep vertalingen van onze rijbewijzen geregeld en in stijl afgesloten met heerlijke wijn en gezellig gezelschap.
We zijn nu al een week in Perth, Australië. Wat een verschil met Azië! Je kunt hier gewoon over de stoep lopen zonder je enkels te breken, genieten van de afwezigheid van herriebrommers, weer vertrouwen op stoplichten. Het is hier heerlijk rustig, zo schoon en (nog) niet zo heet en vochtig. Daar staat tegenover dat het behoorlijk duur is. Schijnbaar is Australië de laatste vijf jaar flink duurder geworden. Voor een beetje hotel betaal je al snel 100 euro.
Via de Australische marktplaats hebben we een kamer gevonden bij een Duitse dame van onze leeftijd. Erg gezellig, handig en stukken goedkoper. Wat een luxe om weer uitgebreid te kunnen koken (denk ook aan aardappelen, gehaktballen en groente), een wasmachine te kunnen gebruiken en water uit de kraan te kunnen drinken.
We hebben niet stil gezeten. We hebben een auto gekocht (een Mazda Tribute) en die zijn we nu aan het ombouwen zodat er een bed achterin kan. We moeten vandaag rond zevenen hier weg, dus het wordt nog even flink doorwerken. Bed afmaken, camping spullen kopen, nog een laatste was draaien, boodschappen doen, auto inrichten... En dan gaan we echt beginnen aan ons Australisch avontuur!
Zwavel en as
Wauw, wat hebben we de laatste dagen toch weer vele mooie dingen gezien! Het begon vier dagen geleden met de vulkaan Bromo. Vanuit Probolinggo zijn we naar Cemoro Lawang gereisd, een dorp dat 3 kilometer van de krater afligt. Na een bochtige busrit door de bergen (soms leek het even dat het busje de top niet zou halen) kwamen we rond de middag aan in het kleine dorp. Nadat we onze spullen in de gezellige hotelkamer hadden gezet, zijn we aan een wandeling begonnen richting Bromo. Na nog geen vijf minuten stonden we aan de rand van de Sea of Sands, een uitgestrekte vlakte van zand en as. In het midden van de in mist gesluierde vlakte rees het Tengger massief op. Een bijzonder mooi gezicht.
Na een wandeling van ongeveer een uur over de verlaten zandvlakte en door het mulle stof van de krater, kwamen we aan op de kraterrand (voor de luie tourist waren er ook paarden te huur). Ik (Wilma) stond niet heel erg op mijn gemak op de rand. Het diepe, zwarte gat met de rookpluimen had iets intimiderends. Het hielp ook niet mee dat de afzetting, een betonnen hekwerk, hier en daar afgebrokkeld was. Maar ter geruststelling, het was wel stevig genoeg.
Het is onvoorstelbaar dat je op een actieve vulkaan staat. Begin van dit jaar werd diende je met het oog op de veiligheid twee kilometer afstand te houden van de krater als gevolg van aswolken. De gevolgen van die aswolken waren overal te zien: het hele dorp is bedekt met zwart stof en de bomen aan de rand van de Sea of Sands waren allemaal dood.
We hebben nog een stuk gewandeld over de verlaten Sea of Sands. Tegen vieren zijn we naar het dorp terug gelopen omdat de mist en wolken binnentrokken. Dit in combinatie met de oorverdovende stilte gaf een spookachtig gevoel. Nog geen uur later trok de mist op en dreven de wolken weg zodat we konden genieten van een oranjerode zonsondergang.
Inmiddels was het flink afgekoeld (14 graden is voor ons inmiddels echt te koud!) zodat we buiten het overgrote deel van onze kleding en de handschoenen hadden aangetrokken en binnen een dozijn kaarsen aangestoken om het enigszins warm te krijgen. 's Nachts hadden we gelukkig geen last van de kou omdat we twee dekens op het bed hadden.
De volgende dag zijn we om kwart voor vier (!!!) opgestaan om naar een uitkijkpunt op de berg Penanjakan te wandelen. We waren erg verbaasd over de hoeveelheid jeeps die we na een half uur wandelen tegenkwamen op de berg. We hebben ze geteld en het waren er 72! Het was dus aardig druk bij de zonsopgang. Omdat de meeste mensen geen zin hadden om de berg veel verder op te lopen, hadden we al na een paar honderd meter een redelijk rustige plek waar we konden genieten van het uitzicht. Na nog geen half uur werd iedereen weer in de jeeps geladen en hadden we de berg voor ons alleen. Het enige geluid was van de drankverkoper die aan het zingen was. Kennelijk had hij goede zaken gedaan.
Alle jeeps gingen naar de krater van Bromo. De plek die we gisteren voor ons alleen hadden, stond nu overvol (per jeep waren er gemiddeld 6 personen). Het is toch wel een erg fijn dat we zeeën van tijd hebben zodat we alles op ons gemak op niet drukke momenten kunnen bezoeken.
Na een ontbijt zijn we naar Bondowoso gegaan. Een stad met 73.000 inwoners waar niet heel veel is te beleven. Het dient als uitvalsbasis voor het Ijen Plateau. Samen met twee Fransen hebben we een jeep gehuurd. Dus gisterochtend ging om twintig voor vijf de wekker om aan de toch naar Ijen te beginnen. De weg was voor een groot gedeelte erg slecht, dus de jeep was geen overbodige luxe. Na twee en een half uur waren we bij de ingang en, na het door het hotel ingepakte ontbijt, zijn we aan de wandeling begonnen naar de kraterrand. Deze keer overigens geen paarden. Het uizicht was spectaculair! Een gigantisch krater met daarin een turkoois meer en een dampende zwavelgroeve. We hadden geluk met de windrichting zodat we konden de krater inlopen zonder (al te veel) last te hebben van de zwaveldampen. Een stevige afdaling over een nauw pad. Beneden werd het zwavel gedolven onder primitieve omstandigheden. Met een ijzeren staaf werd het losgewrikt en in rieten manden geladen. Vervolgens werd het door mannen de groeve uitgedragen. Deze tengere mannen droegen twee keer per dag 70 tot 80 kilo de krater uit en vervolgens de berg af, een wandeling van dik anderhalf uur. En niet op bergschoenen maar gewoon op de slippers of te grote regenlaarzen en ondertussen lekker peuken roken. Nu we dit gezien hebben, zullen we nooit meer klagen dat onze ergonomische en functionele rugzakken te zwaar zijn.
Het delven van het zwavel werd midden in de zwaveldampen gedaan en er werden maar sporadisch mondkapjes gebruikt. Onvoorstelbaar, want toen de wind even draaide mochten we ervaren dat het inademen niet echt lekker was. En dan hadden wij nog onze neus en mond afgeschermd met natte doeken!
Rond half drie waren we terug in het Palm hotel, een voormalig huis van de Nederlandse familie Van Hell. Daar hebben we een welverdiende duik genomen in het zwembad en hebben we de rest van de middag geskyped met Nederland omdat er dingen moesten worden geregeld omdat er helaas is ingebroken in ons huis. Dus ouders en buuv/buum: nog een keer bedankt! Erg vervelend allemaal!
Vandaag hebben we een dag om een beetje bij te komen. Lekker rustig aan reisplannen maken voor de komende weken, wasje doen, baantjes trekken in het zwembad en verse sapjes drinken.
Heel veel groeten en tot horens!
Java en fu yung hai
De eerste maand Java zit er al weer op. We hebben dus welgeteld 1 eiland van de 18.000 bezocht. Ik vrees dat we het niet gaan redden om de andere 17.999 te zien. Maar een paar meer moet wel lukken.
Java is een eiland met vele gezichten. We hebben er aan moeten wennen. Er waren zelfs momenten (gelukkig maar heel af en toe) dat we ons afvroegen of we niet een vlucht naar ergens anders moesten nemen. Maar op het moment dat je het dan even hebt gehad, gebeurt er iets dat je er niet aan twijfelt dat je wilt blijven. De heerlijke fu yung hai bij een klein straattentje om elf uur 's avonds na een lange dag reizen, de zonsondergang bij de tempels van Pramaban, de rust en stilte bij de Borobudur om zes uur 's ochtends, een eitje dat je wordt aangeboden dat vlak daarvoor is gekookt in het borrelende kraterwater op het Dieng Plateau, de honderd mensen die graag met ons op de foto willen, de kakatoes en de neushoornvogel die geaaid willen worden, de koloniale gebouwen, de gemoedelijke kampungs, het uitgebreide ontbijt, de harde maar ontspannende massage, de vogelmarkt in Malang...
Lange afstandsreizen is en zal ook wel in Indonesië een tijdrovende bezigheid blijven. Het varieert van overvolle rammelbussen tot super-de-luxe bussen en treinen. We proberen met name die luxe bussen en treinen te nemen. Niet alleen zijn ze sneller en aanzienlijk comfortabeler (airconditioning, schoon en fatsoenlijke zitplaatsen), maar de chauffeurs rijden over het algemeen iets veiliger. Laten we het er maar op houden dat de gecrashte bus bij Bandung niet de enige is die de kranten hier haalt.
Lokaal- en stadsvervoer is vaak in de vorm van een mini- of midibus. Voor een vast bedrag (meestal 2.000 of 3.000 Rp) kun je instappen en uitstappen waar je wilt. Eigenlijk werkt dit systeem in alle steden goed. Alleen in Blitar wilde het maar niet lukken. Van de vier ritjes zijn we een keer direct uitgekomen waar we wilden. We hebben tot twee keer toe gehad dat de chauffeur zei dat hij ergens naar toe reed, terwijl hij dit dus niet deed. Eenmaal omdat hij niet naar ons luisterde en er maar van uitging dat we ergens naar toe wilden. De andere keer, na een lange tijd de verkeerde kant uitgereden te hebben, stopte hij langs de weg nadat hij zijn andere klanten had afgezet in de hoop ons te kunnen strikken voor een lift voor een veel te hoge prijs. De eerste keer is grappig, de tweede keer al minder leuk, maar de derde keer heb je het helemaal gehad!
En als je dan al je vertrouwen in het lokale vervoer hebt verloren, wordt je keurig voor de deur van je hotel afgezet. Of zijn er een paar vriendelijke Indonezen die je een lift aanbieden omdat je bent gestrand omdat er geen openbaar vervoer meer is. We dachten dat we op de heenweg openbaar vervoer hadden gehad, maar dat bleek uiteindelijk een taxibus te zijn die voor ons was omgereden. Daar kwamen we overigens pas achter toen we de vulkaan Kelud wilden verlaten.
We waren dan ook erg blij dat we een lift kregen van de ingang naar het kruispunt richting Blitar. Daar dachten we wel een aansluitende lift te krijgen. We begonnen 'm tegen half vijf toch wel een beetje te knijpen. Rond vijven rijden er geen minibussen meer en of een taxi regelen zo eenvoudig zou zijn, was ook maar de vraag. Uiteindelijk werden we geholpen door een vriendelijke dame en haar zoon. Ze moesten naar een klein dorp, 25 kilometer in de richting Blitar, dus we konden wel meerijden. Onderweg werd er druk gebeld en het bleek dat er helemaal geen openbaar vervoer meer reed van het dorp nar Blitar. Maar geen nood, als we even wilden wachten bij het huis van de moeder (de zoon moest even douchen), dan zouden ze ons de laatste 25 kilometer ook nog wel even brengen. Zo gezegd, zo gedaan. We hebben op de bank in de voorkamer zitten wachten totdat de zoon was opgefrist. Ietwat ongemakkelijk want wij spreken nog steeds geen Indonesisch en zijn sprak bijna geen Engels. Vervolgens de rest van zijn gezin ophalen en in de auto met een kwebbelende zoontje en een zingend dochtertje naar Blitar. We werden praktisch afgezet voor het hotel.Wat een vriendelijkheid en geluk!
De vulkaan Kelud was ook erg bijzonder om te zien. We konden via een tunnel de krater in lopen en via een lange trap naar de kraterrand gaan waar we uitzicht hadden op een ruig, groen, onwerkelijk landschap dat werd omgeven door vlagen mist.
We zijn sinds een paar dagen in Malang. Een relaxte provinciestad met veel Nederlandse gebouwen. Ondanks het altijd aanwezige razende verkeer, heerst er hier een ontspannen sfeer. We zijn vandaag naar een ander hotel gegaan. We werden twee ochtenden op rij niet om vijf uur wakker-ge-allah-d maar ruw in onze slaap gestoord door giechelende en rokende Indonezen die voor onze deur zaten. En duurt de oproep tot het gebed maar een paar minuten, de mannen gingen ondanks onze vriendelijke en minder vriendelijke verzoeken, een tijdje door.
Morgen gaan we richting Bromo. Schijnbaar erg mooi en erg koud. Het vriest er op de top. Dat is een temperatuurverschil van 30 graden. We hebben vandaag dan ook maar handschoenen en kaarsen gekocht!
We gaan nu maar eens wat eten.
Groetjes!
Cyrella: Helaas we hebben geen rol gekregen in Java Heat. Misschien ook niet zo heel erg, er werd zoveel geschoten dat de enige rollen die er waren, geen tekst hadden (waren namelijk doden). Niet echt iets waarmee we beroemd willen worden.
Eveline: we gaan voor fruit! Tuurlijk vergeven!
Jan: We maken het niet dagelijks mee dat we een set oplopen. Maar de tip: afzettingen negeren en als iemand zegt dat je er niet langs mag, af en toe doen als je acuut geen Engels meer verstaat...
Jo en Jan: De kei eilanden zien er geweldig uit maar we gaan niet zo ver naar het oosten. Te veel dingen die er onderweg te zien zijn. En zo houden we wat over voor in de toekomst!
Irma: Bruine boterhammen met kaas? Oei, dat is wel heel erg lekker! Al is dat niet hetgeen wat we het meest missen qua eten. Ik (Wilma) zou (zelfs als ontbijt) wel een bord boerenkool met worst van mijn moeder op kunnen! Uitaard met de worst van de slager op de Spoorstraat! (is geen stille hint hoor mam...haha)
Dag op de set van Java Heat
We waren vandaag op weg naar de vogelmarkt in Yogyakarta, toen we in de oude wijk bij het waterpaleis opeens op een filmset terecht kwamen. Het bleek de set van de Amerikaanse productie : 'Java Heat' te zijn.We hebben ons prima vermaakt met de Indonesische filmster Tio Pakusadewo, die ons zijn oeroude kris liet zien en Jimmy Hendrix fan bleek te zijn, en de wapenexpert John Bowring. De laatste vermeldde tussen het laden van de uzi en de oorverdovende knallen toen Tio mocht schieten, dat hij ook voor de Matrix en Mission Impossible had gewerkt. Voor Java Heat moest hij wapens lenen van de politie en aanpassen voor het gebruik van losse flodders; nieuwe lopen maken dus. De man van de politie vond het wel machtig dat die Aussie even nieuwe lopen voor de wapens wist te maken. John blijkt de enige wapensmid van Australie te zijn; dat verklaart een hoop. Helaas hebben we Amerikaanse hoofdrolspeler, Mickey Rourke (die van dealcoholvrije Bavaria reclame), niet gezien. Misschien morgen op de volgende locatie?! Het was een hele ervaring!